FORGOT YOUR DETAILS?

Criteria Schepen Museumhaven Amsterdam

Algemeen

In aanmerking voor inschrijving in het schepen register komen bedrijfsvaartuigen van 50 jaar en ouder, waarmee op de Nederlandse wateren enig bedrijf is uitgeoefend en waarvan het karakter overwegend bewaard is gebleven, en in Nederland gebouwde jachten die eveneens 50 jaar en ouder zijn.

Criteria zeilende vrachtschepen

  • Het casco: Het casco dient van oorsprong een zeilend vrachtvaartuig te zijn, waarvan het type gebruikelijk was op de Nederlandse wateren en waarvan de vormen en de maten daarmee in overeenstemming zijn. In detail wordt hierbij opgemerkt dat:
  1. onder een zeilend vrachtvaartuig wordt verstaan: een vaartuig dat op regelmatige basis door zeilen voortbewoog en beroepsmatig voer t.b.v. het transporteren van lading.
  2. poorten en/of lichtranden in de romp zijn niet toegestaan.
  3. een stuurwerk op schepen, die dat tijdens de zeiltijd als regel niet hadden, niet is toegestaan.
  4. de vorm en afmetingen van het roer moet overeenkomen met het voor dat type schip in de zeiltijd gebruikelijke.
  5. verhoogde en/of ingesneden boeisels niet zijn toegestaan.
  • De dekindeling en opbouw: de dekindeling en opbouw dienen in overeenstemming te zijn met de oorspronkelijke functie, lijnen en verhoudingen. In detail wordt hierbij opgemerkt dat:
  1. het schip gedekt dient te zijn met een luikenkap.
  2. Een zogenaamd zadeldakroef niet is toegestaan
  3. De den zo mogelijk de oorspronkelijke hoogte dient te hebben, waarbij in geval van een eventuele verhoging deze slechts is toegestaan tot een maximale denhoogte van ¼ maal de holte van het schip (de holte is de kleinste afstand van het vlak tot aan de onderzijde van het gangboord).
  4. De vormen, maten en plaatsing van de roef en van ramen, poorten en deuren in de roef dienen in overeenstemming te zijn met wat voor dat type schip in de zeiltijd gebruikelijk was.
  5. Een kuip achter de roef en/of een tweede roef is niet toegestaan.
  6. Een tot voor de mast doorgetrokken luikenkap zonder duidelijk mastdek niet is toegestaan.
  • Het tuigplan: het schip dient getuigd te zijn zoals dat voor dat type schip tijdens de zeiltijd gebruikelijk was. In detail wordt hierbij opgemerkt dat:
  1. de mast op de oorspronkelijke plaats dient te staan, voor zover deze plaats eenduidig is vast te stellen.
  2. Wanneer in de zeiltijd voor een zelfde type schip van gelijke afmetingen een eenmast tuigage gebruikelijk was, een tweemast tuigage niet is toegestaan.

Criteria motervrachtschepen

  • Het casco: het casco dient van oorsprong een motorvrachtvaartuig te zijn, waarvan het type gebruikelijk was op de Nederlandse wateren en waarvan de vormen en de maten daarmee in overeenstemming zijn. In detail wordt hierbij opgemerkt dat:
  1. onder een motorvrachtvaartuig wordt verstaan een vaartuig dat op regelmatige basis door een motor voortbewogen, beroepsmatig voer t.b.v. het transporteren van lading.
  2. Poorten en/of lichtranden in de romp niet zijn toegestaan.
  3. De vorm en afmetingen van het roer moet overeenkomen met het voor dat type schip in de periode van bedrijfsmatig gebruik tot 1940 gebruikelijke
  4. Verhoogde en/of ingesneden boeisels niet zijn toegestaan.
  • De dekindeling en opbouw: de dekindeling en opbouw dienen in overeenstemming te zijn met de oorspronkelijke functie, lijnen en verhoudingen. In detail wordt hierbij opgemerkt dat:
    1. het schip gedekt dient te zijn met een luikenkap.
    2. Een zgn. zadeldakroef niet is toegestaan
    3. De den zo mogelijk de oorspronkelijke hoogte dient te hebben, waarbij in geval van een eventuele verhoging deze slechts is toegestaan tot een maximale denhoogte van ¼ maal de holte van het schip (de holte is de kleinste afstand van het vlak tot aan de onderzijde van het gangboord).
    4. De vormen, maten en plaatsing van de roef en het stuurhuis en van ramen, poorten en deuren in de roef en het stuurhuis dienen in overeenstemming te zijn met wat voor dat type schip tijdens de periode van bedrijfsmatig gebruik tot 1940 gebruikelijk was.
    5. Een tot voor de mast doorgetrokken luikenkap zonder duidelijk mastdek niet is toegestaan.
  • Het tuigplan: Het schip dient getuigd te zijn zoals dat voor dat type schip tijdens de periode van bedrijfsmatig gebruik tot 1940 gebruikelijk was. Met tuigage wordt hier bedoeld de laad- en losmast met de daarbij behorende voorzieningen. In detail wordt hierbij opgemerkt dat:
    1. de mast op de oorspronkelijke plaats dient te staan, voor zover deze plaats eenduidig is vast te stellen.

Criteria sleepboten

  • Het casco: het casco dient van oorsprong een sleepboot te zijn, waarvan het type gebruikelijk was op de Nederlandse wateren en waarvan de vormen en maten daarmee in overeenstemming zijn. In detail wordt hierbij opgemerkt dat:
  1. onder een motorvrachtvaartuig wordt verstaan: een vaartuig dat op regelmatige basis door stoommachine of motor voortbewogen, beroepsmatig voer t.b.v. het slepen van schepen of andere nautische objecten
  2. poorten en/of lichtranden in de romp niet zijn toegestaan.
  3. Verhoogde en/of ingesneden boeisels niet zijn toegestaan
  • De dekindeling en opbouw: de dekindeling en opbouw dienen in overeenstemming te zijn met de oorspronkelijke functie, lijnen en verhoudingen. In detail wordt hierbij opgemerkt dat:
    1. De vormen, maten en plaatsing van de roef en het stuurhuis en van ramen, poorten en deuren in de roef en het stuurhuis dienen in overeenstemming te zijn met wat voor dat type schip tijdens de periode van bedrijfsmatig gebruik tot 1940 gebruikelijk was.
    2. De voorzieningen voor de oorspronkelijke functie, het slepen, aanwezig dienen te zijn (bv. Sleepbeting, sleep haak, geleidingen voor sleepdraad)

Zeilende visserschepen

  • Het casco: het casco dient van oorsprong een zeilend vissersvaartuig te zijn, waarvan het type gebruikelijk was op de Nederlandse wateren en waarvan de vormen en maten daarmee in overeenstemming zijn.

In detail wordt hierbij opgemerkt dat:

  1. onder een zeilend vissersvaartuig wordt verstaan een vaartuig dat op regelmatige basis, door zeilen voortbewogen, beroepsmatig voer t.b.v. het vangen en aan wal brengen van vis en/of schaaldieren.
  2. Poorten en/of lichtranden in de romp niet zijn toegestaan.
  3. Een stuurwerk op schepen, die dat tijdens de periode van visserij onder zeil als regel niet hadden, niet is toegestaan.
  4. De vorm en afmetingen van het roer moet overeenkomen met het voor dat type schip in de zeiltijd gebruikelijke.
  5. Verhoogde en/of ingesneden boeisels niet zijn toegestaan.
  • De dekindeling en opbouw: de dekindeling en opbouw dienen in overeenstemming te zijn met de oorspronkelijke functie, lijnen en verhoudingen. In detail wordt hierbij opgemerkt dat:
    1. een zgn. zadeldakroef niet is toegestaan.
    2. De vormen. Maten en plaatsing van het woonverblijf (meestal het vooronder) en van ramen, poorten en deuren (voor zover aanwezig) in die ruimte dienen in overeenstemming te zijn met wat voor dat type schip tijdens de periode van visserij onder zeil gebruikelijk was.
    3. Het aanzien van de kuip in grote mate gelijk moet zijn aan wat voor dat type schip tijdens de periode van visserij onder zeil gebruikelijk was (met name de trog op de al dan niet droge bun dient aanwezig te zijn).
  • Het tuigplan: het schip dient getuigd te zijn zoals dat voor dat type schip tijdens de periode van visserij onder zeil gebruikelijk was. In detail wordt hierbij opgemerkt dat:
    1. de mast op de oorspronkelijke plaats dient te staan. Voor zover deze plaats eenduidig is vast te stellen.
    2. wanneer tijdens de periode van visserij onder zeil voor een zelfde type schip van gelijke afmetingen een eenmast tuigage gebruikelijk was, een tweemast tuigage niet is toegestaan.

Traditionele jachten

Daar de verscheidenheid aan model en afmetingen van jachten, gebouwd vóór 1940 erg groot is zijn voor deze categorie geen duidelijke regels op te stellen.

In zijn algemeenheid geldt dat om voor inschrijving in het Register in aanmerking te komen een traditioneel jacht voor 1940 in Nederland gebouwd dient te zijn en in grote mate zijn oorspronkelijke uiterlijk moet hebben. Ook werkschepen die vóór 1940 tot jacht zijn verbouwd komen in principe in aanmerking voor opname mits het huidige uiterlijk in voldoende mate overeenkomt met dat van het moment dat het als jacht in gebruik werd genomen.

Moderne materialen

Het gebruik van moderne materialen, bouwwijzen en hulpmiddelen mag geen afbreuk doen aan het oorspronkelijke karakter van het schip.

Uitzonderingsbepaling

Bij het toepassen van bovenstaande criteria kunnen de volgende uitzonderingsbepalingen gehanteerd worden:

  1. wijzigingen aan het oorspronkelijke uiterlijk van schip en tuigage zoals dien in de zeiltijd bij het betreffende type zeer regelmatig voorkwamen zijn toegestaan.
  2. Een afwijking van het typische uiterlijk van een schip is toelaatbaar als aangetoond kan worden dat die afwijking reeds aanwezig was in de tijd dat het schip nog bedrijfsmatig op het zeil voer.
  3. Aanpassingen, gedaan i.v.m. veiligheids- en/of andere eisen die door de overheid worden gesteld, zijn toegestaan, met dien verstande dat de aanpassingen geen ernstige afbreuk mogen doen aan het oorspronkelijke karakter van het schip.
  4. Bij de beoordeling dient rekening gehouden te worden met het huidige gebruik van het schip met dien verstande dat aanpassingen t.b.v. dat gebruik geen ernstige afbreuk mogen doen aan het oorspronkelijke karakter van het schip (bijv. poorten c.q. ramen in de den, ramen in de luikenkap, ingang in de luikenkap, bedieningsorganen motor, machinekameringang, schoorstenen, be- en ontluchtingsvoorzieningen).
  5. Als een schip op vrijwel alle punten positief wordt beoordeel is voor een niet al te grote afwijking de mogelijkheid van dispensatie aanwezig, zodat het schip toch in het Register kan worden opgenomen. Van een dergelijke afwijking en dispensatie dient dan een aantekening te worden gemaakt in het schouwrapport.
TOP